MI GUDU  RIVIER CRUISES SURINAME
Paramaribo-Nieuw Nickerie
West Suriname
private charters
Vogeltrips
Zal je altijd zien

De hele maand is het rustig geweest, maar vlak voor we dan op vakantie gaan nog twee trips, krek achter elkaar: de negentiende een dagje teambuilden met het ministerie van Financiën en daarna een tweedaagse trip met maar liefs veertig man!

Financiën wilde the full enchilada, dus die werden met de airco touringcar opgehaald en de hele dag in de watten gelegd: kipfilet in champignonroomsaus met aardappelgratin en rijke salade en verder de godganse dag snoepen en snacken, ja, zo wil je wel teambuilden!

Ik heb ze alleen op zien stappen, maar kon niet mee; reisgenoot Frans was zo vriendelijk om Hans en Ria van Zanderij op te halen en af te leveren bij Uitkijk. Die verdomde brug over de Saramaccarivier is nog steeds niet opgeleverd
(en dat zal er voorlopig ook niet van komen, naar verluidt zakt hij elke dag nog minimaal een millimeter: kwestie van iets te ruimhartig heien zodat de peilers door de harde laag heen denderden en nu weer op blubber rusten). Er over lópen kun je wel. En deze manoeuvre van Frans scheelt mij dus een trip van twee uur heen – twee uur terug naar het vliegveld. Extra voordeel is dat KLM haar vliegschema sinds heel kort heeft gewijzigd: nu landen de toestellen om half twee in plaats van om half zes – zes uur, zodat de mensen nog bij daglicht kunnen zien waar ze in vredesnaam verzeild zijn geraakt. Dus om vier uur klom ik van het bezopen laddertje en zaten Hans en Ria al stralend te wachten op het terras van de Bamboozer. Hans is vriend en mede eigenaar van de CV en Sanitair winkel waar we destijds alle douchekoppen en wc potten voor Mi Gudu hebben gekocht. De eerste keer kwam hij spontaan naar Suriname om, samen met mijn zwager Don, pijpen te knijpen in de machinekamer
(‘De Pijpenknijpers’), ze leverden een fijn staaltje Nederlands vakwerk.
De tweede keer waren ze de ‘coolboys’ en hielpen ze met de aanleg van de airco. Nu is hij hier samen met zijn vrouw om vakantie te vieren, op het huis te passen en onze beestenbende te verzorgen.

Toen we weer thuis kwamen zat René met de crew aan boord op ons te wachten, het ministeriële gezelschap had innig tevreden ons boiti alweer verlaten, dus het Grote Omhelzen kon beginnen.

De volgende dag, al om half negen (wij rekenden eerlijk gezegd op een half
uur later) rolden dus zo’n vijfendertig mensen de bus uit. Meneer Tjon a Koi, Nederlandse Surinamer, vierde zijn bigi Jari (75!) eerst met een dansi in de stad. En daarna wilde hij met alle familie verder feesten op hun voormalige plantage Vier Hendrik aan de Saramaccarivier. Zeven familieleden waren al met bootjes vooruit gegaan om kamp te maken, men zou, verdeeld over de hutten van het schip en in hangmatten onder de (half gesloopte) Bruynzeelwoningen overnachten en ze wilden állemaal bij ons eten. Veertig monden in totaal. Van te voren waren hij, zijn vrouw en zus en zwager al hier langs geweest om het menu te bespreken. Surinaams had de voorkeur.
Maar dan úítgebreid Surinaams. Dus dat werd: Moksalesi met masousa en gerookte kip, Djarpesi met warme vis en zoutvlees, Bakeljauw en gestoofde kip, plus zuurgoed, peper en bakabana (met vanille ijs en spekkoek toe) en de volgende dag bruine bonen met rijst, rookworst, zoutvlees, gerookte kip en twee rijke salades. Het ging er in als koek.

Maar wéér kon ik niet mee, dit keer omdat zwager Don (hij reist mee door Brazilië) op de Bamboozer op ons zat te wachten. Nu waren onze toekomstige reisgenoten Joseph en Marcel (beide Belg, Marcel woont al jaren hier) met Frans meegekomen (‘Ai Lenoor, hebt ge uw valieske reeds gepakt?’) René belde ons nog met de sateliettelefoon en later hoorden we de verhalen. Van hoe het gezelschap genoten had. Genoten en gegeten, heel veel gegeten. Uiteindelijk sliepen ze toch allemaal aan boord, desnoods op kindermatrasjes, kunstig tussen de bedden geschoven. Onze hele lakenvoorraad moest er aan geloven en de volgende ochtend stonden daar toch weer de porties roerei, verse puntjes en vers brood (terwijl Kenneth al in de weer was met die bruine bonen). We hebben echt een fantastische crew!

Nu moeten alle gehuurde tafels en stoelen terug, al het gehuurde bestek, de borden en de koffiekopjes. De overtollige frisdrank neemt winkel Panday weer in en héél voorzichtig kunnen we aan onze grote expeditie gaan denken. Gelukkig zijn alledrie de auto’s geserviced, heb ik zakken met antibiotica en anti allergiepillen kunnen inslaan en heeft Frans alle verzekeringen geregeld. Nu nog wat geld halen en boeken inslaan.

Hopelijk kan ik mijn volgende column vanuit de jungle in Brazilië doorsturen, anders zullen jullie het een maand met deze moeten doen.
Maar ik ga er aan werken.

Brasa

Leonoor Wagenaar